03
mei
10

Jazz en Marketing:”Amsterdam huilt waar het eens heeft gelachen”

Menig lezer zal zich afvragen waar de titel van dit stuk vandaan komt. Het is ooit gezongen door Rika Jansen, in Amsterdam beter bekend als Zwarte Riek. Ze zette het nummer op de plaat in 1964 en het werd geschreven door haar echtgenoot Kees Manders en dat was weer de broer van Tom Manders, bij mijn generatie beter bekend als de onvergetelijke Dorus met zijn gabber “Dollefie Zallefie.”

De titel voor dit stuk viel mij in toen ik in de laatste editie van het Parool het aanhangsel “Amsterdam Agenda van de Week” doorlas. Als geboren en getogen Amsterdammer ben ik nog steeds zeer geboeid door de stad en er zijn zoveel plekken waar ik herinneringen aan heb, dat laat je nooit meer los. Excuus, want ik dwaal af.

Toen ik de agenda doorlas moest ik denken aan het Amsterdam van de jaren 50 en 60 van de vorige eeuw, en nog daarvoor, maar daar was ik ook niet bij. In die periodes stond Amsterdam bol van de levende muziek. In de grote bioscopen City en Tuschinski had je grote orkesten die speelden voordat de film begon en in de pauze. Heel veel cafeetjes op de Nieuwendijk hadden van alles en nog wat aan muziek in huis, je had de clubs Femina, Trocadero, Villa D’Est en The Blue Note. Voor de jazzliefhebber was er natuurlijk de “Sheed”, de afkorting van de Sheherezade in de Amstelstraat waar de Diamond Five van John Engels, Cees Slinger, Harry Verbeke en Jacques Schols de scepter zwaaiden. Zondag jazzsessies in het AMVJ gebouw aan het Leidseplein (daar staat nu het Marriott). En niet te vergeten de sixties waar op het Rembrandtspelin elke zondag Wally Tax en The Ousiders hun muziek aan de man brachten. En natuurlijk Heck’s Lunchroom op het Rembrandtsplein waar o.a. het orkest van Malando zijn wereldhit “Ole Guapa” ten gehore bracht.

Bij dat alles vergeleken is het nu een treurige boel qua levende muziek in de stad. Bijna nergens vind je dit nog en zo kwam ik op de titel van dit stuk. Een lange inleiding maar ja, wat moet je anders als je over onze mooie stad praat ?

Goed, terug naar marketing. Marketers (ik gebruik de engelse benaming in plaats van het vernederlandste “marketeer”) vinden dat hun vak een creatief vak is. Dat klopt maar dan praten we wel over die fase van marketing waarin de oplossingen en de creatieve ideeen boven komen borrelen om iets aan de man te brengen.

In alle fases daaraan voorafgaand gaat het om facts en figures, zoals macro-economische cijfers, marktonderzoeken, consumenten panels, prijselasticiteiten, penetratie – en distributiegraden, marktaandelen in volume en geld en ga zo maar door. Dus in ons dossier Jazzmarketing gaan we de komende tijd eerst maar eens kijken wat we aan feitelijk materiaal verzamelen kunnen.

In dat kader leek het me wel interessant om in een case study de Amsterdamse jazzmarkt als micromarkt te gaan verkennen.We willen weten hoe groot is de markt qua volume (aantal gigs), qua omzet (gages van de musici), wat zijn de distributiekanalen en structuur daarvan en dat soort zaken.

Voor deze case study is het uitgangspunt de jazzmarkt zoals die is vermeld in de PS bijlage van het Parool. Zeker niet nauwkeurig want er is wel meer te doen als dat wat in het Parool staat, maar we moeten ergens van uit gaan.

Laten we beginnen met de markt in volume. Ik heb in de week van 1 mei 2010 tot en met 7 mei 32 gigs geteld. Dat zijn op jaarbasis grofweg 1500 gigs, voor het gemak afgerond op een heel getal. Voor de markt in geld gemeten ga ik uit van een gage (dus omzet) van E 400 per gig, ongeacht het aantal muzikanten.

Dit bedrag moet wel enigermate onderbouwd worden. Op de eerste plaats is het gebaseerd op eigen observaties en hearsay van andere collega musici. Op de tweede plaats weten we dat de Belastingdienst voor de zogenaamde Kleine Vergoedings Regeling (KVR) een bedrag hanteert van E 163 p.p.per optreden.Met de nadruk op maximaal maar dan krijgen we in ieder geval een gevoel voor de bovengrens. Ik denk dat onze modale muzikant (zie eerste artikel Jazz en Marketing) in dit profiel past. Uitgaand van de E 400 per gig maal 32 (bij PS Parool aangemelde gigs) x 52 weken kom ik op een marktomzet van E 665600 per jaar.

Vandaar dus de titel van dit stuk. Voor een wereldstad als Amsterdam wordt er jaarlijks maar zes ton uitgeven aan jazzmuziek.Om te huilen, jazzvrienden. In de volgende aflevering gaan we eens kijken waar deze zes euroton blijven.

PS.

Overigens heb ik voor het gemak onze denkbeeldige modale muzikant de naam Dolf gegeven, analoog aan Dollefie Zallefie en Eric Dolphy, de bekende Amerikaanse jazz musicus die op zeven saxen tegelijk kon spelen. Dolf is 24 jaar, speelt tenorsaxofoon, is “with pleasure” afgestudeerd aan het Amsterdamse Conservatorium. Zijn vader was ambtenaar bij de gemeente Amsterdam en hij heeft een vriendin Carla die kleuterleidster is. Dolf speelt ook nog basgitaar als tweede instrument. Zijn grote voorbeeld is Lester Young die hem inspireert en motiveerde om een Conservatorium studie te doen. En natuurlijk John Coltrane maar daar heeft iedereen wel iets mee. Dan weten we tenminste over wie we het hebben.


3 Responses to “Jazz en Marketing:”Amsterdam huilt waar het eens heeft gelachen””


  1. augustus 9, 2010 om 2:16 pm

    Geachte heer Van Eekhout,

    Met veel interesse las ik bovenstaande blog. Ik meen u en uw lezers namens VOC Uitgevers te Nijmegen te moeten attenderen op het onlangs verschenen boek ‘Muziek in de stad’. In de VOC-uitgave ‘Muziek in de stad’ doet ruimtelijk economisch onderzoeker Dr. Gerard Marlet uit de doeken waarom er juist niet bezuinigd moet worden op kunst- en cultuur en hij komt inderdaad om facts en figures. Het snijden in kunst- en cultuursubsidies heeft namelijk vervelende gevolgen voor de werkgelegenheid, leefbaarheid en het innovatieklimaat in steden en wijken. In ‘Muziek in de stad’ vindt u daar het bewijs voor. Op de Facebook-pagina ‘Tegen bezuinigingen op kunst & cultuur’ (>15.000 leden) wordt al enthousiast op het boek gereageerd en diverse media hebben er al aandacht aan besteed. U vindt bijvoorbeeld een interview dat auteur Dr. Gerard Marlet heeft gehad met NOVA over kunst- en cultuursubsidies hier op Youtube.

    Met vriendelijke groet,

    Sebastiaan de Kroon namens VOC Uitgevers

  2. augustus 22, 2010 om 8:40 am

    Dollefie Zallefie van Dorus, dat klopt. maar Eric Dolphy met 7 instrumenten? Volgens mij wordt hier Roland Rahsaan Kirk bedoeld (zie youtube)

    Met gruwelijke voeten,

    Chris


Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s


Follow Bob's Jazz Blog. on WordPress.com

Enter your email address to subscribe to this blog and receive notifications of new posts by email.

Doe mee met 307 andere volgers

About Bob Van Eekhout

Bob van Eekhout drummer Jazz Trio JazzTraffic

Nederlands Jazz Archief

Logo Nederlands Jazz Archief

Van-Ons.nl WordPress Development

Van-Ons.nl WordPress Development & Training

JazzTraffic Trio. Uw Jazzband voor een gezellige sfeer en goede achtergrondmuziek

Jazz Trio JazzTraffic