Posts Tagged ‘Johnny Meijer

12
dec
12

Metropool Orkest Adieu ?

Orkest Johnny Meijer met v.l.n.r. Jan de Vries (hot viool),Jan Altink (gitaar), Bob van Eekhout Sr. (drums), Johnny Meijer (accordeon), Guus Brokx (piano), Frans Vellekoop (contrabas).

Orkest Johnny Meijer met v.l.n.r. Jan de Vries (hot viool),Jan Altink (gitaar), Bob van Eekhout Sr. (drums), Johnny Meijer (accordeon), Guus Brokx (piano), Frans Vellekoop (contrabas).

In ons familiealbum vond ik een foto van vlak na de oorlog van het orkest Johnny Meijer, genomen voor de AVRO studio, waar mijn vader Bob van Eekhout Sr. drums in speelde. Een beroepsorkest dat door de regelmatige radiouitzendingen naast engagementen in clubs en dancings goed hun boterham konden verdienen. Dit orkest is al lang ter  ziele.

Weer dreigt er een orkest te sneuvelen in omroepland. Voor zover ik weet is dat het laatste orkest dat nog over is en daarmee dreigt een einde te komen aan een lange traditie van Nederlandse omroeporkesten die allemaal het loodje hebben gelegd. Mensen van mijn generatie zullen zich nog veel orkesten herinneren, zoals natuurlijk The Ramblers en The Skymasters, maar ook het KRO Dansorkest o.l.v. Klaas van Beek, het VARA dansorkest o.l.v. Charlie Nederpelt, het orkest Frans Mijts, het orkest Malando van Arie Maasland. Al deze orkesten hadden wekelijkse uitzendingen die veel werden beluisterd en vaak als visitekaartje van de omroep dienden. Elk orkest had zijn eigen zanger en zangeres zoals Greetje Kauffeld, Jany Bron en Karel van der Velden, Marcel Thielemans en Francisca Deschamps.

Maar er waren ook veel kleinere combo’s. Ikzelf drumde mee op zaterdagmiddag met uitzendingen van The Diamond Five of The DSC en een ander Dixieland orkest o.l.v.Roeffie Hueting. Of orkesten van Johnny Meijer, Eddie Christiani, Max Woiski en Max van Praag. En er waren kleine trio’s met Ger van Leeuwen op piano, Ger Daalhuizen op bas en Cor van den Berg op drums.Een enorme  rijke traditie die in de loop der jaren vakkundig om zeep is geholpen.

Het is nu allemaal vergane glorie en nostalgie. Wellicht is er nog hoop voor het Metropool Orkest.

08
okt
11

Oud en nieuw, van alles wat bij Jamsessie in Badhoevedorp

Foto’s: Erwin Wittenberg (www.eventimpressions.nl)

Gezellige drukte gisteren tijdens het groot Badhoevedorps cultureel gebeuren, de Jamsessies in de Wildenhorst en fotograaf Erwin Wittenberg et moi waren weer eens van de partij om het geheel in woord en beeld vast te leggen. Traditiegetrouw opende Cruise Control de avond en zette weer geroutineerd covers neer van Drukwerk, Neil Sedaka en Presley en dat is materiaal dat de oudere jongeren onder ons altijd aanspreekt. Na het verscheiden van accordeonist Ome Willem blijkt de opvolger alweer in huis te zijn in de persoon van accordeonist Henk. Daar werden we wat plezierig melancholisch van met stukken als Circus Renz, Aan de Amsterdamse Grachten en de Rocco Granata topper Marina. Mooi Amsterdams vertier. En wat het noch bijzonderder maakt is dat Henk op een knoppenaccordeon speelt en dat zie je sinds Johnny Meijer niemand meer doen. Hulde ! Vervolgens mocht ikzelf met een bont gezelschap, waaronder good old saxofonist Cor Jaegers, achter de batterij plaatsnemen. Na een goed geoliede versie van Route 66 ontstonden er wat geluidsproblemen waardoor de ene helft van de band linksaf en de andere rechtsaf ging. Dat was even een gezellige puinhoop maar er kwam weer lijn in toen er een zanger bij kwam wiens naam mij helaas ontschoten is. Maar met vocale uitvoeringen van Louis Prima‘s Buena Sera Signorina en Save The Last Dance For Me kwam het geheel weer goed op stoom. Daarna kwam er een optreden van de Nederlandse Elvis Presley maar dat konden we niet meer meemaken dus die houden we tegoed !

 

29
mei
11

Herinneringen aan accordeonist Johnny Meijer – slot

Het Orkest Johnny Meijer bij de AVRO Studio Hilversum in voorjaar 1946. V.l.n.r. Jan de Vries (hot viool), Jan Altink (gitaar), Bob van Eekhout Sr. (drums), Johnny Meijer, Guus Brokx (piano), Frans Vellekoop (contrabas).

Het derde en laatste deel van “Herinneringen aan accordeonist Johnny Meijer” opgetekend met herinneringen van mijn vader Bob van Eekhout Sr.

Het einde van de oorlog in zicht.

“Op het einde van de oorlog was er nog nauwelijks muziek in de stad. Alleen het cafe van Johnny draaide nog een beetje met voornamelijk zwarthandelaren en penose als klanten. Wij waren de laatste musici die nog werk hadden. Op een avond werd de Nieuwendijk afgezet voor een razzia. We waren aan het spelen met Johnny, Nelis, gitarist Jan Blok en ik en zijn toen naar de zolder gevlucht. We konden niet anders doen dan wachten maar er gebeurde niets.

Vlak na de bevrijding, we woonden in de Waverstraat, kwam er een legerjeep de straat in rijden. Impressario en saxofonist Lou van Rees stapte uit in officiersuniform van de Canadezen. Lou wilde me hebben voor een bigband die hij voor de Canadezen aan het opzetten was.

Lou van Rees wordt om de tuin geleid.

Maar ik wilde niet want ik werkte zalig met Johnny en verdiende goed. Mijn vrouw moest zeggen dat ik niet thuis was. Een paar dagen later kwam Lou weer, en weer was ik er niet zogenaamd. Uiteindelijk heb ik Lou gebeld en geadviseerd Joop Korzelius te nemen. Joop was een jonge aankomende drummer met groot talent. Omdat ik echt niet wilde, zo verknocht was ik aan het spelen met Johnny, heeft Lou toen Joop aangenomen.

(Zie https://bobvaneekhout.wordpress.com/2011/04/18/herinneringen-aan-jazzdrummer-joop-korzelius/)

Achteraf kreeg ik er wel spijt van want de musici van die band verdienden goudgeld en hadden van alles wat je in de oorlog niet kon krijgen, sigaretten, chocola en nylons.

In korte tijd werd het cafe overspoeld door Canadezen en Amerikanen die niet wisten wat ze hoorden als ons orkest speelde. Een swingende accordeonist zoals Johnny, dat kenden ze totaal niet. Dat was ook de periode dat Johnny zijn eerste aanbiedingen kreeg om naar Amerika te gaan, maar hij wilde niet. Ik begreep dat wel maar hij had er rijk kunnen worden.

Radio uitzendingen voor de AVRO en Nelis mocht niet meedoen.

In het voorjaar van 1946 gingen we wekelijks radiouitzendingen maken voor de AVRO Radio in Hilversum (zie foto boven). Het orkest werd dan uitgebreid maar voor Nelis was het pijnlijk. Hij was gewoon niet goed genoeg voor radiouitzendingen en mocht niet meedoen. In het cafe kon hij geen kwaad want niemand hoorde wat hij speelde, maar de radio dat was andere koek.

“Repetities” in de Halve Maan Steeg

In die periode wilde Johnny wel gaan repeteren. Dat was eigenlijk niet echt nodig want we speelden met rasmuzikanten die uitstekend konden lezen. Eerst repeteerden we overdag  in de “Palace”, een jazztent op het Thorbeckeplein die pas ’s avonds openging.  Maar Nelis stond direct achter de bar, vond de aansluitingen van de bierpomp dus van repeteren kwam niks meer terecht. En ze kregen het in de gaten dus dat was snel afgelopen.

Daarna hebben we een lokaaltje gehuurd in de Halve Maan Steeg voor F. 2,50. Op de eerste de beste repetitie ontdekten we dat er in het lokaal grote flessen met manden eromheen stonden. Nelis ging op onderzoek uit en er bleek jenever in te zitten ! Hij vloog de deur uit zei “ik ben zo terug” en ging naar Vlieger, een grote winkel die daar in de buurt zat.

Hij kwam terug met een rubberslangetje en flessen en begon jenever “over te lossen”. Het werd een vrolijke boel maar van repeteren kwam weinig terecht. We zijn  er nog een keer teruggeweest maar daarna dorsten we niet meer. We betaalden een knaak (Fl.2,50) voor het zaaltje maar kwamen met het tienvoudige aan jenever terug. Uiteindelijk hebben we maar helemaal niet meer gerepeteerd.

Van z’n tweede vrouw Riekie, zus van Nelis, mocht Johnny absoluut niet drinken en als hij speelde kreeg hij regelmatig “controle” van haar. Johnny zat dan altijd keurig aan de koffie en dan was ze tevreden. Maar wat ze niet wist was dat hij een fles congnac achter zich had verborgen en daar gingen grote scheuten van in de koffie.

Als Riekie dan geweest was keek hij met een brede grijns met een gezicht van “ik heb het weer geflikt”. Ik weet niet hoelang hij het verborgen heeft kunnen houden maar ze moet het op een gegeven moment toch ontdekt hebben. Met z’n eerste vrouw had hij altijd bonje en dat liep een keer zo uit de hand dat ze een grote vaas met bloemen naar ons gooide en we moesten wegduiken anders waren we geraakt.

Het einde van de samenwerking.

Uiteindelijk zijn Johnny en ik toch uitelkaar gegaan. Er was in die tijd veel werk voor musici in Amsterdam, De horeca begon weer te bloeien, er was veel vraag naar entertainment en ook bij de radio werden talloze orkesten opgericht. Dat betekende overdag in Hilversum radiouitzendingen maken en ’s avonds spelen in de vele clubs op het Rembrandt en Thorbecke plein en ook het Leidseplein kwam weer tot leven.

Ik ging steeds meer radio en clubwerk doen en uiteindelijk kwam ik bij spelen aan Johnny niet meer toe. Ik geloof dat John Engels Sr. er toen bij is gekomen voor drums.

Het was met Johnny geweldig spelen en ik heb hele goede herinneringen aan hem. Toch was hij vaak erg onbehouwen, zeker tegenover muzikanten die hem niet bevielen of hem gewoonweg niet bij konden sloffen met z’n gegoochel met toonsoorten en hoge tempo’s. Er was oorlog geweest, ruzies en drank, maar uiteindelijk is het de geweldige muziek die we maakten die me het meest is bijgebleven.”

Tot zover “Herinneringen aan accordeonist Johnny Meijer”.

Re-Bop Continental. Een nummer in de typische uptempo Johnny Meijer stijl. De opname is niet met geheel dezelfde musici als op de foto boven want er staat Sem Nijveen op viool aangegeven. Johnny wisselde nogal eens van samenstelling omdat musici niet altijd beschikbaar waren ivm met schnabbels en toernee’s maar ook doordat hij musici tegen zich in het harnas kon jagen die niet meer met hem wilde spelen.

26
mei
11

Herinneringen aan accordeonist Johnny Meijer – deel 2

Johnny Meijer

Johnny Meijer

Op 18 april j.l. zette ik een artikel op dit blog “Herinneringen aan jazzdrummer Joop Korzelius” met verhalen die mijn vader Bob van Eekhout Sr. (94) als beroepsmusicus had meegemaakt. Het artikel is inmiddels door honderden mensen gelezen en kennelijk vindt men de verhalen over periode 1940 – 1955 van de Amsterdamse muziekscene leuk om te lezen. Daarom hier deel 2 met een nieuw artikel met accordeonist Johnny Meijer in de hoofddrol. Van hieraf mijn vader aan het woord:

Kramp in mijn kuiten.

” Nadat ik was aangenomen bij Johnny en we elke avond speelden kreeg ik nog meer bewondering voor hem dan ik al had. Hij speelde met een natuurlijke swing en veel standards deed hij in een zo hoog mogelijk tempo en alles uit zijn hoofd. Dat was op de eerste plaats omdat hij dan qua swing op z’n best was maar ten tweede omdat hij bij die tempo’s z’n geweldige techniek kon etaleren.

Maar hij speelde niet alleen swingnummers. Hij kende ook een aantal opera’s waarvan hij grote delen uit zijn hoofd kon spelen zonder een noot te missen. En natuurlijk speelden we de Jordanese meezingers waar hij een groot liefhebber van was. Op een avond zei hij tegen mij “ik kan ook spelen met m’n kassie omgekeerd” en tot mijn stomme verbazing draaide hij zijn accordeon om en begon te spelen.

Dat betekende dat de basknoppen nu rechts zaten in plaats van links (en ondersteboven) en de melodieknoppen links (en ook ondersteboven) in plaats van rechts. Zonder blikken of blozen speelde hij op die manier alsof het de gewoonste zaak van de wereld was. Ik kon m’n ogen en oren niet geloven dat hij dit kon.

Teun van de Vaart de straatvechter.

We kregen regelmatig bezoek in het cafe van Teun van der Vaart. Dat was een geboren straatvechter en zo sterk als een beer. Hij terorriseerde de buurt en werd door iedereen gevreesd. Hij demonstreerde wel eens hoe sterk hij was door een cafetafel met z’n tanden op te tillen. Waarom weet ik niet maar als hij binnenkwam had hij het altijd op mij gemunt. Dan zaten we te spelen en liep hij naar me toe en zei ” zoooo slijiijijijmerd”. Doodsbenauwd was ik, maar wat kon ik doen ? Zelfs Johnny deed niks en waagde zich niet aan Teun.

Ik vertelde een bevriende portier over Teun. Zijn naam was Polly Kraus. Die was een liefhebber van onze muziek en gek op drums. Maar Polly was ook bokskampioen van Nederland geweest. Een paar dagen nadat ik hem verteld had over Teun van de Vaart kwam Polly de zaak binnen en ging zitten luisteren.

Een uur later kwam Teun binnen. Polly stond op, liep op Teun af en gaf hem een verschrikkelijke hoek en Teun ging neer. Enorm tumult in de zaak en half groccy ging Teun de zaak uit. We hebben hem nooit meer gezien. Later hoorde ik dat Teun in de Amstelstraat door een paar portiers in elkaar was geslagen en toen was hij helemaal verdwenen.

De omstandigheden werden ook steeds slechter. Er was steeds minder te krijgen. Met gitarist Jan Blok kocht ik wel eens een sigaret bij de zwarthandelaren voor 1 gulden en die rookten we dan samen op, om en om een trekje. De Duitsers gedoogden onze muziek ondanks dat ze wisten dat we Amerikaans repertoire speelden. Maar uiteindelijk moest Johnny eraan geloven en moest naar Duitsland (** zie voetnoot). Op het laatst was er helemaal geen muziek meer en was het puur overleven”.

** Volgens de verschillende biografen heeft Johnny op weg naar Duitsland met opzet zijn accordeon laten vallen zodat deze in reparatie moest. Hij vertelde de Duitsers dat dit alleen in Amsterdam kon en Johnny ging terug. De accordeon werd gemaakt maar de Duitsers hebben er nooit verder werk van gemaakt en hij bleef in Amsterdam.”

Hier een opname uit 1988 bij jazzcafe “Bij Max” waar Johnny, inmiddels zesenzeventig jaar oud, de bekende standard “Polka Dots en Moonbeams” vertolkt. Volgende keer deel 3 en slot: De Bevrijding.

18
apr
11

Herinneringen aan jazzdrummer Joop Korzelius.

The Skymasters, vijftiger jaren, met Joop Korzelius op drums.

In 1958 toen ik een jaar of acht was, kwam er een drummer bij ons over de vloer in de Zeilstraat in Amsterdam. Ik herinner me hem als een kleine man met donker golvend haar en een ernstige gelaatsuitdrukking. Mijn moeder vond het niet leuk als hij kwam, want hij was wat vreemd en als hij ons bezocht zat hij met mijn vader Bob Sr.  uren alleeeen maar over drums te praten. Zijn naam was Joop Korzelius.

Afgelopen maandag 11 April belde mijn vader (93) dat Joop Korzelius een uur lang op televisie kwam in het NCRV programma “Toen was ik al beroemd”. Dat verbaasde ons wel. Ja, het was een prima drummer geweest en we kenden hem goed maar hadden al heel lang geen enkel contact meer met hem gehad en waren in de veronderstelling dat Joop al lang overleden was. Het tegendeel bleek waar.

Vanaf hier laat ik mijn vader Bob van Eekhout Senior aan het woord over Joop Korzelius.

“In 1942 speelde ik drums bij Max Woiski Sr. in de Leidsestraat, het was midden in de oorlog. Max speelde veel Surinaams en Latin werk. Ik herinner me dat Harry de Groot er ook bij zat voor piano. Er kwam vaak een jong jochie van een jaar of zeventien naar ons kijken en was erg nieuwsgierig, vooral de drums hadden zijn grote interesse. Hij kwam naar me toe en begon te vertellen. Hij zat nog op de LTS en studeerde slagwerk bij een Duitser met de naam Scheidel. Die was al voor de oorlog in Nederland gevestigd en had een grote reputatie als leraar. Dat jochie was Joop Korzelius.

Op een avond zei ik tegen Joop dat- ie maar wat moest laten horen en een nummer kon meespelen met Max. Ik hoorde het direct, hij had het toen al. Het bleek een groot talent en hij wilde ook beroepsmusicus worden. In 1947 en 1948 speelde ik regelmatig in “Dancing Winkels” in de Kalverstraat met een combo van vibrafonist Eddy Sanchez. Ook daar kwam Joop regelmatig luisteren. Spelen in Winkels was belangrijk want als je daar en in “The Palace” op het Thorbeckeplein had gespeeld had je het “gemaakt” en kreeg je veel werk.

“Dancing Winkels”, 1948 Kalverstraat Amsterdam. V.l.n.r. Eddy Sanchez (vibrafoon, Frans Hinse (sax/klarinet), Bob van Eekhout Sr. (drums), Kees Dorsten (contrabas). De bassdrum van Bob Sr. was in reparatie en daarom had hij een bassdrum geleend van Jan Schoen, die was bokser,portier van jazzclub Sheherazade en amateur drummer. Van daar de initialen “J.S”. op het voorvel.

Na afloop gingen Joop en ik wel eens naar jazzclub de Sheherezade een biertje drinken. Daarna liepen we langs het huis van Joop, hij woonde bij z’n moeder. Tot 4 uur ’s nachts stonden we over drums te ouwehoeren (drummers kunnen onzettend lang kletsen over allerlei details) tot z’n moeder hem naar binnen riep.

Na de bevrijding werd ik gebeld door Lou van Rees. Die was saxofonist en bezig met een impressariaat op te zetten. Hij vroeg me als drummer voor een groot orkest dat hij aan het formeren was voor de Canadezen omdat ik tournees had gedaan met de Ernst van ’t Hof BigBand. Maar ik wilde niet want ik speelde bij accordeonist Johnny Meijer op de Nieuwendijk en daar was ik helemaal gek van, zo swingde dat. Manke Nelis was minder maar dat namen we op de koop toe.

Ik heb Lou toen verteld van Jopie Korzelius die inmiddels begin twintig was en zo is hij in de muziek gekomen en bij het orkest van Lou begonnen. Hij was er toch wel gekomen maar dit was een mooi begin. Ik zei ook tegen Lou dat hij Joop wel de tijd moest geven want hij moest nog wat rijpen vond ik en hij was niet gewend bij grote orkesten te spelen en arrangementen te lezen.

Daarna ging het snel met Joop. Hij kwam bij een Duits toporkest van Max Greger maar daar openbaarden zich ook zijn “eigenaardigheden”. Hij kon soms  weg blijven of te laat komen. Dat interesserde hem weinig. Max Greger was stapelgek op Joop en stuurde hem zelfs een tijdje op vakantie, door Greger betaald, maar het hielp niet.

Later bij de Skymasters ging het ook regelmatig fout. Dan had Joop geen zin en zei dat hij in het gras ging liggen. En dat deed hij dan ook. Ik heb tot ver in de jaren 1950 kontakt met hem gehad en hij kwam nog bij mij thuis. Dan zei mijn vrouw “oh, is Joop weer in het land” want dat betekende dat hij bij me langskwam en dat was dus weer uren praten en praten, als het maar met drums te maken had.

Daarna ben ik hem uit het oog verloren want ik ging als pianist / entertainer aan het werk en dat is een heel ander circuit. Ik hoorde dat het bergafwaarts met hem ging en kwam hem wel eens tegen. Het was net een clochard. Jammer, het was een geweldige drummer met een natuurtalent voor het instrument en een touch die je hebt of niet en niet kunt leren.”

Joop Korzelius is inmiddels 84 jaar en slijt zijn dagen bij het Leger des Heils in Amsterdam waar hij elke dag zijn grote liefde voor het Heineken bier uitdraagt. In de NCRV documentaire was ook te zien hoe drummers Han Bennink en John Engels de oude meester opzochten. Zijn eerste biertje van de dag noemt hij een “eye opener”. Dat was deze NCRV documentaire ook voor ons. Het ga je goed Joop !

 

 




Follow Bob's Jazz Blog. on WordPress.com

Enter your email address to subscribe to this blog and receive notifications of new posts by email.

Doe mee met 307 andere volgers

About Bob Van Eekhout

Bob van Eekhout drummer Jazz Trio JazzTraffic

Nederlands Jazz Archief

Logo Nederlands Jazz Archief

Van-Ons.nl WordPress Development

Van-Ons.nl WordPress Development & Training

JazzTraffic Trio. Uw Jazzband voor een gezellige sfeer en goede achtergrondmuziek

Jazz Trio JazzTraffic

%d bloggers liken dit: